Loading

 

 

Achtergrond artikelen uit de NIVOO Handhavings Nieuwsbrief voor Domein I

 

 


BOA’s Maassluis belangrijke schakel bij intocht Sinterklaas

Op 12 november zette de goedheilig man weer voet op Nederlandse grond, deze keer in de havenstad Maassluis. Dit traditionele kinderfeest wordt de laatste jaren ontsierd door actievoerders die zowel voor als tegen Zwarte Piet protesteren. “Gelukkig verliep de intocht zonder problemen”, zo vertelt Jacco Heideveld van de gemeente Maassluis. Dat is mede te danken aan een gedegen voorbereiding, maar ook aan de goede inzet van de veiligheidsdiensten, waaronder een tiental BOA’s van de gemeente Maassluis.

Heideveld had als teamleider van de afdeling Handhaving en Toezicht en tevens als markt- en havenmeester een belangrijke rol in het plannen van de intocht. “Al in juni hebben we de eerste bijeenkomst gehad en hebben we met verschillende veiligheidsdiensten en beveiligers om de tafel gezeten. Elke zes weken hadden we een overleg, maar in de week van de intocht spraken we elke dag met elkaar.” Hoe groot was nu eigenlijk de hele operatie? “Om te vergelijken: bij de intocht van de Sint die hier ieder jaar plaatsvindt is het voldoende om een paar wijkagenten in te zetten. Dit jaar waren er echter meer dan 400 agenten op de been. Daarbij komt dan ook nog de voltallige BOA-eenheid van ruim tien mensen van de gemeente zelf.”

Ondanks de grote politie-inzet was er voor de BOA’s ruimschoots voldoende werk te verzetten. Heideveld: “Van tevoren hebben we flyers uitgedeeld zodat mensen wisten dat ze hun auto moesten weghalen langs de route. Daar hebben we toezicht op gehouden en ook enkele bekeuringen uitgedeeld aan mensen die er geen gehoor aan hadden gegeven. Verder moesten fietsen en aanhangers en dergelijke worden verwijderd.” Maar ook tijdens de intocht van Sinterklaas was de inzet van de BOA’s van grote waarde. “Het bewaken van de veiligheid was vooral een taak van de politie, terwijl de BOA’s vooral toezicht hielden op de randverschijnselen. Zo stonden ze bij de belangrijkste toegangswegen naar het centrum om de mensenstromen te controleren. Ook controleerden ze op illegaal flyeren, op illegaal verkopen en zorgden ze er eveneens voor dat de Drank- en Horecawet werd nageleefd. De BOA’s zijn de mensen die elke dag op straat zijn, en de stad daarom als geen ander kennen. Ze weten wat er leeft, ze kennen de mensen en kennen daarnaast de belangrijkste toegangswegen. Dankzij die kennis en vaardigheden waren wij van groot belang voor het goede verloop van de intocht.”

Hoe is er gereageerd op de inzet van de BOA’s? “Super! Van heel veel kanten hebben we complimenten gekregen: de politie en brandweer, maar ook de burgemeester en de organisatie hebben hun complimenten aan de BOA’s overgebracht. Ook van de NTR, die de hele intocht live uitzond, hebben we complimenten gekregen. Dat is echt een enorme opsteker voor ons als handhavers. Ik ben dan ook zeer tevreden!”

Voor de organisator van volgend jaar heeft Heideveld in ieder geval een aantal aanbevelingen: “Zorg ervoor dat er handhavers van de gemeente aanwezig zijn bij de dagelijkse briefing in de week van de intocht. Met hun kennis van de plaatselijke gang van zaken zijn zij een heel belangrijke schakel in het goed laten verlopen van zo’n evenement. En informeer ook bij de gemeentes die de intocht de afgelopen paar jaar hebben georganiseerd, hoe zij bepaalde dingen hebben aangepakt.”

 


Handhavers ruimen op en maken schoon

Enige tijd geleden hebben de handhavers van gemeente Purmerend op een ongewone wijze bijgedragen aan een ‘schoon’ Purmerend. Peter van Stenis, coördinator handhaving van de gemeente vertelt: “Dat deden ze niet alleen om de stad schoon te maken, maar ook om de samenwerking binnen de gemeente te stimuleren. De handhavers gingen namelijk samen met de collega’s van Uitvoering de strijd aan tegen zwerfvuil.”
Ongeveer 10 tot 15 mensen van Uitvoering, met voertuigen en materieel, trokken samen met 15 handhavers door Purmerend om de straten te ontdoen van zwerfvuil en overig klein afval. Iedereen werd voorzien van een vuilgrijper en een enkeling ging enthousiast met een bladblazer aan de slag.

Actie Purmerend

Een grote blauw/oranje golf verspreidde zich over de Koemarkt, Gedempte Where en Gors. De straten en plantsoenen werden zo vlot ontdaan van afval, dat er direct maar besloten werd de hele centrumring mee te nemen. Na de koffie werden nog diverse winkelcentra, parken en de omgeving van het station aangepakt en tegen 12.00 uur eindigde de actie met een gezamenlijke lunch op het stadhuis.

Actie Purmerend004z

De handhavers hebben zich erg verbaasd over de ongelofelijke hoeveelheid zwerfafval die er in de stad op straat ligt. Alleen al van de Koemarkt en de centrumring waren in korte tijd zo’n 15 volle vuilniszakken aan zwerfafval verwijderd. Afval wat mensen dus gewoon zonder nadenken op straat gooien. Voor de handhavers is de actie op alle punten geslaagd. Van Stenis: “Zij hebben een halve dag met elkaar gewerkt en informatie uit kunnen wisselen. De contacten met de collega’s van Uitvoering zijn er door verbeterd. De handhavers hebben een beter beeld van (en nog grotere waardering voor) het werk van de collega’s van Uitvoering en, niet onbelangrijk, ze hebben daadwerkelijk bijgedragen aan het schoonmaken onze mooie stad.”


Handhavers Purmerend voor de klas
De afdeling Handhaving van de gemeente Purmerend brengt aan alle basisscholen in de stad een bezoek om een presentatie te verzorgen over de verkeersveiligheid en allerlei andere onderwerpen. De eerste bezoeken zijn gedaan en de komende tijd wordt dit project naar de andere basisscholen in Purmerend uitgerold.

Presentatie Purmerend

Peter van Stenis, coördinator Toezicht en Handhaving vertelt: “Door de presentaties werken we aan de verkeersveiligheid rond scholen, die vaak te wensen overlaat.” De eerste presentaties zijn gegeven op basisschool Oeboentoe in Purmerend. Tijdens de presentaties komt echter meer dan verkeersveiligheid aan bod. Van Stenis: “We zijn de presentatie begonnen met wat te vertellen over ons werk, wie wij zijn, wat wij doen, wat wij niet (mogen) doen en met welke materialen en voertuigen wij werken.” Op deze manier moet ook de jeugd bekend worden gemaakt met het vak van BOA. Ook parkeren, gedragingen in het verkeer, gevaren van vuurwerk, gevaarlijke stoffen (drugs) en alcohol kwamen aan bod. De inhoud van de presentatie is gericht op de groepen 7/8 van de basisschool.

Presentatie Purmerend7

Na de presentatie is er ook een buitenopdracht, zo vertelt Van Stenis. “Deze kan per school verschillen. Recent hebben we bijvoorbeeld samen met leerlingen medeleerlingen en ouders veilig laten oversteken”. Ook is er de zogenaamde verkeersquiz. Hierin stond met de name de verkeersveiligheid rond de school centraal. Leerlingen kregen een ‘diploma’ en een presentje.

Presentatie Purmerend4

De presentaties en acties worden zeer positief ontvangen, aldus Van Stenis. “Juist rondom scholen ontstaan vaak gevaarlijke situaties als ouders hun kinderen halen en brengen en zich niet aan de regels houden, terwijl het juist rondom een school voor zowel ouders als kinderen veilig moet zijn.” De handhavers merkten dat zowel ouders als leerlingen blij zijn met de aandacht voor de verkeersveiligheid: “We kregen zelfs de vraag of we niet iedere week zo’n oversteekactie bij een school kunnen organiseren.”

 


Gemeente Nuenen pakt handhaving thematisch aan

De gemeente Nuenen heeft een jaarprogramma opgesteld waarin op thematische wijze aandacht wordt besteed aan diverse speerpunten. Iedere drie weken staat een ander thema centraal in de handhaving. Noëlle Gerris, senior beleidsmedewerkster cluster VTH van de gemeente Nuenen vertelt: “Dit betekent uiteraard niet dat op de naleving van andere regels niet wordt toegezien. Tijdens de periode waarin een speerpunt centraal staat, wordt daarop extra toegezien door onze BOA’s.”

In week 4 en 5 van 2016 werd bijvoorbeeld extra ingezet op het tegengaan van hondenoverlast. Dit is een van de meest voorkomende ergernissen. De gemeente Nuenen pakt dit later dit jaar samen op met de gemeente Son & Breugel, waar hondenoverlast ook een probleem is.

Een speerpunt dat centraal staat, wordt altijd voorafgegaan door een publicatie in het lokale blad ‘Rond de Linde’. In dit blad wordt uitgelegd wat precies de (wettelijke) regels zijn en wat burgers wel en niet mogen doen. Vervolgens staat dit speerpunt twee weken in de spotlights bij de handhavers. Gerris: “Een aantal jaren geleden zijn we met deze aanpak begonnen omdat we merkten dat veel mensen de regels niet kennen. Door goede voorlichting willen we dit verbeteren.”

screenie

De thematische aanpak richt zich met name op de meest voorkomende ergernissen zoals huishoudelijk afval, parkeren, fietsen op het trottoir, plakken en kladden, caravans en vuurwerk. Noëlle Gerris: “In een cyclus van drie weken wordt aandacht aan een thema besteed waarbij rekening wordt gehouden met geschikte momenten. Zo wordt bij het begin van het tuinseizoen aandacht besteed aan tuinafval en in december wordt aandacht besteed aan vuurwerk.”

Uit het Handhavingsprogramma 2015 van de gemeente Nuenen blijkt verder dat veel aandacht wordt besteed aan handhaving van de Wegenverkeerswet (750 uur), honden (600 uur) en afval (500 uur). Bijzondere wetten (300 uur), Jeugdoverlast (250) en diensten voor derden (100 uur) staan wat lager op de lijst.


Vuurwerkdetectiesysteem leidt nauwelijks tot heterdaad

Een relatief nieuw wapen in de strijd tegen het vroegtijdig afsteken van vuurwerk is het vuurwerkdetectiesysteem. Tijdens de jaarwisseling 2014/2015 had gemeente Hilversum de primeur en tijdens de jaarwisseling 2015/2016 hebben zover bij onze redactie bekend 6 gemeenten dit systeem gebruikt. In dit artikel leggen wij uit wat het systeem inhoudt en wat de resultaten en ervaringen van enkele gemeenten zijn.

Werking systeem
Het vuurwerkdetectiesysteem bestaat uit minimaal vier geluidmeters, die bij elkaar een gebied van 2 vierkante kilometer bewaken. Per extra halve vierkante kilometer is een extra geluidmeter nodig. Knallen worden herkend tot op enkele meters nauwkeurig en direct doorgestuurd aan handhavers. Zij zien waar de knallen vandaan komen en kunnen direct optreden. Handhavers kunnen op hun smartphone niet alleen zien waar de knallen zijn, maar ook hoe hard ze zijn (aantal db’s).

Doelen
In Hilversum is het vuurwerkdetectiesysteem ingezet in een wijk waar veel meldingen vandaan kwamen over het vroegtijdig afsteken van vuurwerk. Het doel is aanpak van illegaal vuurwerk, voorkomen van vuurwerkvandalisme, opsporen van vandalen en het verminderen van vuurwerkoverlast voor mens en dier. Hillebrand Tanja, beleidsadviseur OOV Sector Juridische en Veiligheidszaken van gemeente Leeuwarden, geeft aan dat het doel tweeledig is: als eerste wil de gemeente inzicht krijgen in de omvang van het aantal vuurwerkknallen; ten tweede moet het systeem de heterdaadkracht vergroten. Ook gemeente Utrecht geeft aan dat het doel is het verzamelen van data en het verkrijgen van meer inzicht over de exacte locaties waar voortijdig wordt afgestoken. Gemeente Rotterdam wil met het systeem de vuurwerkoverlast ‘sneller en effectiever opsporen’.

Resultaten

Gemeente Tijden pilot Aantal meldingen Heterdaadsituaties
Hilversum 18 december - 31 december 685 Nee
Rotterdam 16 december - 2 januari 302 Eenmaal
Utrecht 23 december - 12 januari 2341 Nee
Leeuwarden 15 november - 3 januari 1811 Nee

Evaluatie
Koen Kokkeler, coördinator Openbare orde en veiligheid van gemeente Hilversum noemt als voordeel van het vuurwerkdetectiesysteem dat specifieke informatie beschikbaar is over het patroon en momenten van de dag waarop vuurwerk wordt afgestoken. Het feit dat geen bekeuringen zijn uitgedeeld wijt Kokkeler met name aan het feit dat er te veel is gebouwd op de inzet van de politie, die soms andere prioriteiten stelde. “De BOA’s zouden dus een grotere rol moeten krijgen bij de opvolging van de meldingen, terwijl zij nu druk waren in de vuurwerkvrije zones”. Ondanks het feit dat er geen heterdaadsituaties waren, is Kokkeler positief: “We hebben natuurlijk geen nulmeting en het is daarom lastig in te schatten in hoeverre het systeem werkt. Toch heb ik het idee dat er door de gerichte waarschuwingen minder is geknald”. Ook geeft Kokkeler aan dat de gemeente door de specifieke informatie effectiever kan handhaven. De totale kosten voor Hilversum komen op zo’n € 13.000 euro. De gemeente Leeuwarden geeft aan dat het systeem de heterdaadkracht niet heeft vergroot maar wel heeft bijgedragen aan meer informatie over de omvang van het aantal knallen. Volgens gemeente Utrecht is een positief effect van het systeem dat er snel zichtbaar toezicht aanwezig is op de plaats waar de knallen gedetecteerd worden. Ook geeft de verzamelde data informatie over piekmomenten waarop vroegtijdig vuurwerk wordt afgestoken. De gemeente Rotterdam is ook positief over de pilot. Door de extra en zichtbare handhavende inzet heeft de pilot een preventieve werking gehad. Handhavers geven ook aan dat de jaarwisseling rustiger is verlopen. Verder gaf het systeem een objectief beeld van de overlast, waardoor handhavers gericht ingezet konden worden.

Van de vier gemeenten die in dit artikel de revue zijn gepasseerd, weet alleen Rotterdam al dat zij doorgaan met de pilot; in de andere gemeenten wordt dit nog bekeken. De gemeente Rotterdam wil de pilot een vervolg geven in een groter gebied. De nadruk komt te liggen op de preventieve werking van het vuurwerkdetectiesysteem.

Conclusie
Hoewel het vuurwerkdetectiesysteem de knallen nauwkeurig detecteert en direct doorgeeft aan de handhavers, heeft dit zelden of nooit geleid tot heterdaadsituaties. Door gemeenten wordt vooral de preventieve werking van de zichtbare inzet op de juiste plaats als groot voordeel genoemd. Daar komt bij dat gemeenten door de inzet van het vuurwerkdetectiesysteem een adequaat en objectief beeld krijgen van de vuurwerkoverlast.

Resultaten vuurwerkdetectie 2015-2016 Gemeente Leeuwarden
Het doel van de inzet van het vuurwerkdetectiesysteem is tweeledig, namelijk inzicht krijgen in het afsteken buiten de reguliere afsteektijden en het vergroten van de heterdaadkracht. Het vergroten van de heterdaadkracht is mogelijk doordat de gedetecteerde vuurwerkknallen op de smartphones zijn uit te lezen. Het resultaat van de inzet van het vuurwerkdetectiesysteem is dat er in de periode van 15 december 2015 tot en met 3 januari 2016 1811 vuurwerkknallen gedetecteerd zijn in het gebied Achter de Hoven, Vlietzone en een deel van de binnenstad. Helaas heeft de inzet van het vuurwerkdetectiesysteem niet geleid tot extra processen verbaal.

 

image2 Copyimage1 Copy

 

 

 


 

Digitaal opkoopregister in Barneveld

Opkopers van tweedehandse goederen zijn verplicht om een opkoopregister bij te houden waarin zij de aangekochte goederen vermelden. Naast type, merk en serienummer moeten ook de persoonsgegevens van de verkoper worden opgenomen. Jarenlang werden papieren registers gebruikt maar dit vonden veel gemeenten te arbeidsintensief.

Vlak na de zomervakantie van 2015 is de gemeente Barneveld begonnen met de invoering van het digitale register. Een groot voordeel van het digitale register ten opzichte van het papieren register is de koppeling met www.stopheling.nl. Door systemen aan elkaar te koppelen kan de ondernemer meteen zien of een aangeboden artikel van diefstal afkomstig is en de politie krijgt hiervan automatisch een melding.

Door veel bedrijven in Barneveld wordt het digitale register al gebruikt maar er zijn ook bedrijven die ervoor kiezen om de papieren versie te blijven gebruiken. De gemeente ontmoedigt het gebruik van dit papieren register wel, het is te arbeidsintensief voor zowel de winkelier als de politie. Door middel van een prijsprikkel wordt ervoor gezorgd dat het voor bedrijven aantrekkelijker is om het digitale register te gaan gebruiken.

Dirk Klein, Teamleider Veiligheid, Vergunningen & Toezicht van de gemeente Barneveld, vertelt dat het digitale register wordt uitgelegd bij bedrijven door een speciaal daarvoor aangestelde BOA. Ook wordt in samenwerking met de politie door BOA’s nauwlettend toegezien op het gebruik van het digitale register. Tijdens controles wordt gekeken of de spullen die een handelaar voorhanden heeft ook daadwerkelijk in het systeem zijn opgenomen. Op basis van artikel 437, lid 1 Wetboek van Strafrecht kan worden opgetreden als dit niet het geval is. De handelaar die zich niet houdt aan de registratieplicht van goederen kan een geldboete en zelfs een gevangenisstraf opgelegd krijgen.

 


 

 

Vuurwerkvoorlichting op basisscholen

In de regio Gooi- en Vechtstreek wordt flink aan de weg getimmerd als het gaat om de veiligheid rondom vuurwerk. Zo wordt al enige jaren een succesvolle voorlichting gegeven op basisscholen en houden toezichthouders controle op brandbare voorwerpen.

In de aanloop naar Oud en Nieuw geeft de brandweer in de regio Gooi- en Vechtstreek voorlichting op basisscholen over vuurwerk. Deze voorlichting wordt al sinds 2009 gegeven. Waar het eerst kleinschalig begon in samenwerking met bureau Halt, wordt inmiddels op 96 basisscholen voorlichting gegeven. In de loop der jaren is de samenwerking met diverse partners uitgebreid. Zo werkt de brandweer nu samen met BOA’s en toezichthouders uit negen verschillende gemeenten binnen de Gooi- en Vechtstreek en ook met de Regionale Ambulance Voorziening (RAV) en de Grondstoffen en Afvalstoffen Dienst (GAD).

Vuurwerkslachtoffers flink gedaald
Doel van de voorlichtingen is de jeugd kennis bij te brengen over hoe ze veilig kunnen omgaan met vuurwerk. Dit moet er voor zorgen dat de vuurwerkoverlast afneemt en dat het aantal jeugdige vuurwerkslachtoffers beperkt blijft. Uit de cijfers blijkt dat het aantal vuurwerkslachtoffers in de leeftijd van 10 tot 12 jaar in de regio is gedaald. Opvallend is verder dat zich vorig jaar in dezelfde regio niemand op de Eerste Hulp heeft gemeld met vuurwerkverwondingen die jonger was dan 19 jaar.

Inhoud vuurwerkvoorlichting
Bij een voorlichting is het informatiemateriaal toegespitst op de hulpdiensten die aanwezig zijn. In de voorlichting wordt met name ingegaan op de manier waarop vuurwerk afgestoken moet worden en hoe de omstanders zich moeten gedragen. Ook komt aan bod wat je moet doen als je zelf gewond raakt door het gebruik van vuurwerk. Iemand van de RAV vertelt bijvoorbeeld over het ontstaan en de behandeling van brandwonden. Een BOA of toezichthouder kan ingaan op de vuurwerkoverlast en over het afval dat ontstaat door het afsteken van vuurwerk.

Toezichthouder: “een kleine rechtbank”
Een van de toezichthouders die voorlichting over vuurwerk verzorgt is Ronald van der Sluis, toezichthouder bij de gemeente Hilversum. Hij vertelt: “Ik vertel met name iets vanuit mijn expertise, naast andere hulpdiensten die meedoen.” Van der Sluis brengt de jeugd iets bij over de tijden waarbinnen vuurwerk mag worden afgestoken en vanaf welke leeftijd dit mag. Ook gaat hij in op wat er gebeurt als de jeugd buiten de daarvoor aangewezen tijden vuurwerk afsteekt. “Ik vertel dan dat een jongere door de BOA wordt meegenomen naar zijn ouders en dat er een gesprek volgt”. Ook wordt uitgelegd dat de leerlingen in aanraking kunnen komen met bureau Halt. Van der Sluis noemt dit tijdens de voorlichtingen voor de jeugd “een kleine rechtbank”.

Ook gaat Van der Sluis tijdens de voorlichtingen in op de veiligheid rondom vuurwerk. “Het gaat dan met name om hoe je vuurwerk afsteekt en vasthoudt”. Verder legt hij aan de kinderen uit wat het verschil is tussen legaal en illegaal vuurwerk en gaat hij bijvoorbeeld in op de verschillen tussen België en Nederland wat betreft vuurwerk.

Door de kinderen worden de voorlichtingen als leuk en leerzaam ervaren. “Bovendien zijn de dummy’s die worden meegenomen altijd heel aantrekkelijk”, aldus Van der Sluis. Ze leren zelf na te denken over hun omgang met vuurwerk. Tekenend daarvoor is bijvoorbeeld dat veel kinderen hun vinger opsteken als hen voorafgaand aan de voorlichting wordt gevraagd of ze vuurwerk leuk vinden. Na afloop van de voorlichting gaan bij diezelfde vraag een stuk minder vingers de lucht in. Een nuttige voorlichting die navolgenswaardig is voor het hele land! In de regio Gooi- en Vechtstreek lijkt het in ieder geval resultaat te hebben.

Controle op brandbare voorwerpen
Naast de vuurwerkvoorlichting is Van der Sluis in december ook op een andere manier druk met vuurwerk. Door heel Hilversum worden door toezichthouders van de gemeente rondes gedaan om te controleren of er brandgevaarlijke voorwerpen bij mensen in de tuin staan of liggen. “Het gaat dan bijvoorbeeld om autowrakken, pallets of een oud bankstel.” Als dat het geval is belt er een toezichthouder aan en wijst hij op het gevaar van de voorwerpen. Ook wordt een folder gegeven aan de betreffende personen. “Burgers ervaren dit gelukkig als heel positief”.

Gaat het eerst om waarschuwen, tussen kerst en oud en nieuw wordt in bepaalde gevallen ook daadwerkelijk bestuursdwang toegepast. Spullen die een gevaar vormen voor de openbare orde kunnen met behulp van spoed-bestuursdwang worden verwijderd. Deze bevoegdheid is voor een bepaalde tijd aan de toezichthouders gemandateerd. Het gaat dan wel om spullen die zich in de openbare ruimte bevinden en dus niet om voorwerpen die op privéterrein liggen. De kosten die de toepassing van deze vorm van bestuursdwang met zich meebrengt zijn voor de veroorzaker. “Gelukkig komt het niet zo vaak voor dat we daadwerkelijk spoed-bestuursdwang”, aldus Van der Sluis. Samen met onder andere de vuurwerkvoorlichting moeten deze maatregelen ervoor zorgen dat Hilversum rond Oud en Nieuw een stukje veiliger is.

 


 

Meer bevoegdheden jeugdboa’s Apeldoorn

Per 1 juli 2015 is gemeente Apeldoorn gestart met een pilot die jeugdboa’s meer bevoegdheden geeft in het kader van gebiedsontzegging. Jeugdboa’s hebben sindsdien de mogelijkheid een bestuurlijke waarschuwing voor de gebiedsontzegging uit te reiken. Ook is het voor de jeugdboa’s mogelijk om (in gezamenlijkheid met politie) een voornemen tot gebiedsontzegging uit te reiken.

Het gaat dus enkel om het aankondigen van een gebiedsontzegging en niet om het opleggen van de gebiedsontzegging zelf, benadrukt Cynthia Hartgers, jeugdboa bij de gemeente Apeldoorn. Cynthia vertelt: “Omdat de jeugdboa’s veel aanwezig zijn op straat (drie avonden per week), hebben zij een goed beeld van de groepen jongeren die er zijn en welke jongeren structureel voor overlast zorgen door het plegen van strafbare feiten.’’ Het uitbreiden van de bevoegdheden moet er voor zorgen dat ook de jeugdboa daadkrachtig kan optreden tegen overlast in de verschillende wijken. Voorheen stond de jeugdboa te vaak met lege handen en kon alleen een boete worden opgelegd. “De gebiedsontzegging wordt met name opgelegd voor leefbaarheidsfeiten, indien dit gepaard gaat met structurele overlast. Of wanneer de impact van het strafbare feit dermate groot is, dat een persoon tijdelijk het gebied ontzegt wordt.”

Als een jeugdboa een strafbaar feit constateert, kan een bestuurlijke waarschuwing worden uitgereikt aan de betreffende persoon. Ook volgt een gesprek met de ouders. Cynthia: “Op deze manier hebben de BOA’s meerwaarde ten opzichte van de oude situatie en wordt door het gesprek aan te gaan ook de ouder aangesproken/geïnformeerd over het gedrag van het kind.” Ook wordt in dat geval duidelijk dat de gemeente een volgende stap kan zetten door toe te werken naar een gebiedsontzegging. Tevens maakt het voor de jeugd niet meer uit wie zij op straat treffen want BOA en politie kunnen op dezelfde manier optreden en doorpakken bij structurele overlast. Om dit in goede banen te geleiden is er een goede afstemming tussen de jeugdboa en politie. Er is een gezamenlijke registratie, zodat er niet langs elkaar heen gewerkt wordt. Wanneer er opnieuw een strafbaar feit wordt geconstateerd en de jeugdboa aanleiding ziet voor een gebiedsontzegging, wordt dit afgestemd met de politie. Als daadwerkelijk een gebiedsontzegging wordt opgelegd, gebeurt dit door de politie. Het dossier dat door de gemeente is opgebouwd, gaat in dat geval ook naar de politie. De nieuwe werkwijze bevalt tot nu toe goed. Vanaf het begin van de pilot zijn in totaal 3 waarschuwingsbrieven uitgereikt door de jeugdboa’s.

  

 


 

Nieuw in Haarlem: de wijkhandhaver

Team handhaving van de gemeente Haarlem heeft de ‘wijkhandhaver’ geïntroduceerd. Deze functie loopt vooruit op het wijkgericht werken waar de gemeente naar toe wil. De eerste wijkhandhavers zijn al actief in de Indische buurt Noord. De gemeente Haarlem wil graag deze manier van werken ook uitrollen in andere wijken. Onderdeel van de nieuwe aanpak is een tweewekelijks spreekuur waar bewoners met hun klachten en vragen terecht kunnen. “Vanwege de vergrijzing in de wijk is het voor veel mensen fijn om hun verhaal daar kwijt te kunnen.” aldus Barbara Haan, coördinerend integraal handhaver van de gemeente Haarlem. Tijdens dit spreekuur kunnen bewoners melding doen van overlast en andere wijkgerelateerde zaken.

De wijkhandhavers participeren in diverse overleggen en wijkraden. Ook is er veelvuldig contact met de wijkagent van de betreffende buurt. “Al deze contacten worden gekenmerkt door korte lijntjes”. Daarbij is het zo dat de handhavers verantwoordelijk zijn voor leefbaarheid en vooral de overlastmeldingen oppakken en dat de politie er is voor openbare orde en misdrijven. Op deze manier kan er snel worden geschakeld en kunnen problemen voortvarend worden aangepakt.

Binnen een jaar moeten de resultaten van de nieuwe werkwijze in de wijk zichtbaar zijn. Doel van de wijkhandhaver is ook dat de zichtbaarheid van de handhavers in de wijk wordt vergroot, vertelt mevrouw Haan. Dit wordt onder andere nagestreefd door de wijkhandhavers minimaal 12 uur per week in ‘hun wijk’ aanwezig te laten zijn.

Het wijkcontract voor de buurt vormt de basis voor deze nieuwe manier van werken. In dit contract staan tal van projecten opgenomen die worden opgepakt. Het gaat dan bijvoorbeeld om surveillance van handhaving op tijdstippen dat mensen hun hond uitlaten. Op die manier moet de overlast van hondenpoep omlaag worden gebracht en moet tegelijkertijd de meldingsbereidheid omhoog gaan. Ook staat in het wijkcontract bijvoorbeeld opgenomen dat beter toezicht wordt gehouden door zowel politie als handhavers op bekende hangplekken.

 


Twentse BOA’s in actie tegen vervuilende scholieren.

Scholieren die na schooltijd, tijdens de pauze of tijdens vrije uren het schoolterrein verlaten om de plaatselijke supermarkt op te zoeken, laten bij hun terugkeer naar school behoorlijk wat zwerfafval achter op straat. Een aantal Twentse gemeenten had er schoon genoeg van. In de week van 26 tot en met 30 september controleerden BOA’s in 14 Twentse gemeenten deze snoeproutes. Het doel is: “Jongeren bewust maken van het feit dat ze anders moeten omgaan met afval. Afval hoort in de bak en niet op straat”, aldus Henk Richters van de gemeente Borne.

In het samenwerkingsverband van deze 14 Twentse gemeenten zijn er jaarlijks enkele actieweken waarin specifiek aandacht aan een bepaald onderwerp wordt gegeven. De laatste week van september waren de snoeproutes dus extra in beeld. Richters, de coördinator van de actie, vertelt over de aankleding ervan: “Iedere gemeente zorgde zelf voor de specifieke invulling van deze actie. Het werd dus centraal geregeld, maar decentraal uitgevoerd.”

In veel gemeenten werden posters opgehangen, zowel in scholen als bij supermarkten. Ook werd een aantal scholen bezocht door BOA’s, die in de klas voorlichting gaven over de actieweek. Richters: “De contacten met de scholieren waren over het algemeen erg positief. Veel van hen hadden duidelijk interesse voor de BOA’s, die dan ook veel vragen kregen. Ook op sociale media werd positief gereageerd.”

Scholieren die hun afval niet in de prullenbak achterlieten, werden door de opsporingsambtenaren aangesproken en gewaarschuwd. Daarbij lag het doel vooral op het gesprek, en niet op de sanctie. “De scholieren beboeten op hun gedrag was niet het doel, al zijn er uiteindelijk wel bekeuringen uitgedeeld: zes in totaal. Ook zijn er nog twaalf waarschuwingen gegeven”, aldus Richters. En doorverwijzingen naar Halt? “In de Twentse gemeenten mogen BOA’s nog geen jongeren rechtstreeks naar Halt sturen, dus dat hebben we ook niet gedaan.”

Is de actie achteraf als geslaagd te bestempelen? Richters: “Tijdens de terugkoppeling met de BOA’s hebben we gekeken naar het resultaat, maar bewustwording bij de jeugd is moeilijk te meten. Het beste is dus om vaker een week te controleren op de snoeproutes of andere aandachtspunten uit het werkveld van de BOA’s.”